This article is for an older version of CCC. You can find the latest version here.
Printer-Friendly Version
Product: 
ccc4

Als u de standaardinstellingen van CCC voor SafetyNet gebruikt, dan kunt u in de Geavanceerde instellingen een ruimere optimalisatielimiet instellen. De vereiste hoeveelheid vrije ruimte op uw doel is afhankelijk van de grootte van de bestanden die u normaal gesproken in de loop van de dag bewerkt. Over het algemeen hebt u aan het begin van de reservekopietaak (d.w.z. direct nadat de optimalisatie is voltooid) zo veel ruimte nodig als er doorgaans tijdens een reservekopietaak wordt gekopieerd. Dus als CCC doorgaans 9 GB aan gegevens kopieert, met af een toe een uitschieter naar 14 GB, dat dient u bij het instellen van de optimalisatie rekening te houden met die maximale waarde (d.w.z. minstens 15 GB aan vrije ruimte over te houden). Vooral als u geregeld grote bestanden bewerkt, kan de nominale hoeveelheid gekopieerde gegevens elke keer behoorlijk groot zijn. Als u bijvoorbeeld elke dag een virtuele Windows-container van 80 GB gebruikt, dan is de nominale hoeveelheid gegevens die tijdens uw dagelijkse reservekopietaak wordt gekopieerd ten minste 80 GB. U zult uw optimalisatie-instellingen daar dus op moeten afstemmen.

Het bepalen van de beste SafetyNet-optimalisatielimiet

Gebruik Taakgeschiedenis om de optimalisatielimiet te bepalen

Volg deze stappen om de beste optimalisatielimiet voor uw taak te bepalen:

 

  1. Klik op de knop Geschiedenis in de knoppenbalk van CCC om het venster Taakgeschiedenis te openen.
  2. Selecteer de betreffende taak als een sorteeroperator in het tweede snelmenu.
  3. Klik op de kolomkop “Gekopieerde gegevens” om de tabel op deze waarde in aflopende volgorde te sorteren.
  4. De waarde bovenaan geeft de grootste hoeveelheid gegevens aan die CCC voor deze specifieke taak heeft gekopieerd. De optimalisatielimiet moet iets hoger zijn dan deze waarde, zodat CCC aan het begin van elke taak ten minste zo veel ruimte vrij maakt voordat begonnen wordt met het kopiëren van bestanden.

De standaardinstelling voor optimalisatie is dat SafetyNet geoptimaliseerd wordt als er op het doel minder dan 25 GB vrij is. Om de CCC-instellingen voor SafetyNet-optimalisatie te wijzigen, selecteert u uw taak in het hoofdvenster van CCC en doet u het volgende:

  1. Klik op de knop “Geavanceerde instellingen” onder in het venster.
  2. In de sectie SafetyNet-optimalisatie geeft u aan hoe CCC de SafetyNet-map moet optimaliseren, bijvoorbeeld op basis van de beschikbare vrije ruimte op het doel, de leeftijd van de bestanden of de grootte van de bestanden.
  3. Geef een limiet op.
  4. Bewaar de wijzigingen van uw taak.

"Waarom geeft CCC aan dat het doel vol is, terwijl er voldoende ruimte lijkt te zijn voor nieuwere bestanden?"

Om te voorkomen dat een goed reservekopiebestand wordt overschreven door een beschadigd bestand op de bron, gebruikt CCC een speciale procedure voor het kopiëren van bestanden, genaamd “atomische” kopie. Als een bestand is gewijzigd sinds de laatste reservekopie, wordt het naar het doel gekopieerd met een tijdelijke bestandsnaam, zoals .bestandsnaam.XXXXXX. Wanneer CCC klaar is met het kopiëren van het bestand, wordt de oudere versie op het doel verwijderd (of verplaatst naar SafetyNet), waarna CCC de naam van het bijgewerkte bestand verandert in de juiste bestandsnaam.

Omdat CCC deze speciale procedure gebruikt, moet het doelvolume ten minste voldoende vrije ruimte hebben voor het opslaan van alle gegevens die gekopieerd worden, plus genoeg ruimte voor het opslaan van een tijdelijke kopie van het grootste bestand op het bronvolume. Als u vaak erg grote bestanden bewerkt, zoals films, schijfkopieën of containers van virtuele machines, dan dient u een reservekopievolume te kiezen dat aanzienlijk meer ruimte heeft dan door uw bronvolume gebruikt wordt, om te voorkomen dat de ruimte opraakt tijdens de reservekopietaak. Bovendien moet u de CCC-instellingen voor SafetyNet-optimalisatie zo configureren dat er ruimte is voor een tijdelijke kopie van het grootste bestand op het bronvolume.

“Ik heb SafetyNet uitgeschakeld. Hoe kan het doel dan te vol zijn?”

Als u SafetyNet in CCC hebt uitgeschakeld, dan worden te verwijderen onderdelen verwijderd wanneer ze worden aangetroffen. CCC verwerkt de bestanden en mappen op uw bron- en doelvolume in alfabetische volgorde. Daardoor is het mogelijk dat CCC nieuwe bestanden naar het doel probeert te schrijven, voordat onderdelen worden verwijderd die van de bron zijn verwijderd. Als u grote wijzigingen hebt aangebracht in de indeling van uw bron (bijv. mappen hebt hernoemd en verplaatst of veel onderdelen hebt verwijderd en aangemaakt), dan kunt u uw reservekopietaak uitvoeren met de probleemoplossingsoptie Maak eerst ruimte vrij. En als er een map _CCC SafetyNet op het doelvolume staat, kunt u die map naar de Prullenmand verplaatsen en de Prullenmand legen voordat u doorgaat.

Gerelateerde documentatie